Ik had vandaag een treinabonnement en een busabonnement nodig voor onze jongste. Die met zijn dreadlocks, ja. Hij heeft niet veel goesting, maar hij moet nog steeds naar school, hij is nog maar zestien. Dreadlocks of geen dreadlocks, naar school moet hij.
Ik had de zaak op voorhand goed bestudeerd op de website van de NMBS en die van De Lijn. Dat is een hele prestatie, één kaart vinden tussen een miljard kaarten van de NMBS. U bent 60? U bent 65? U hebt drie kinderen? U bent student? U hebt maar één been? U bent 65, hebt 1 been, drie kinderen en u studeert weer? Moet kunnen, levenslang leren, weet je wel. Voor u gratis. Zeker weten.
Ik vond een mooie oplossing in een fantastische combinatie van trein en bus in één enkele kaart. Schoolabonnement én Buzzypas in één prijs en het was nog een goeie prijs ook : apart kost zo’n Buzzy 149 euro maar in die combinatie maar 80 euro. Met 69 euro kan je al wat doen hé ! Je kunt daar nondedju veel Leffes mee drinken. Om maar iets te noemen.
Goed. Wij dus naar het station, beetje stressy want we moesten ook nog schoolboeken gaan kopen op de tweedehandsbeurs in zijn school en die sloot om 12 uur.
Aan het loket een wat oudere man en een middelmatig lange rij. Niet echt een nerveuze tiep, die vent. Na een tiental minuutjes leggen we hem ons geval uit. Hij kijkt ons vriendelijk van boven zijn brilletje dat ergens halfweg zijn neus hangt aan, bestudeert wat langer de dreads en besluit na enige tijd met “nooit van gehoord hoor”. “Julien”, vraagt hij aan zijn collega wat verderop, “hebt gij al gehoord van een combinatie met Buzzy”? “Wat is dat, Buzzy ?”, antwoordt Julien. “Ge gaat hier uw abonnement voor de trein moeten kopen en dan in de Lijnwinkel uwe Buzy”, zegt hij. Wij kopen dus een treinabonnement.
Net buiten het station is er een kiosk van De Lijn, dus wij daar naar toe. Een reusachtige vrouw in een wit hemd zit er in een klein hokje geperst. Ze kan nauwelijks ademen. Ik vrees dat de ramen zouden barsten, als ze diep zou uitademen. Een combinatie met een treinkaart? Dat kan, wat haar betreft, voor 149 euro. Daar gaan mijn Leffes.
Ik vertel haar dat de prijs op internet staat en dat het maar 80 euro is.”Wel, daar heb ik nog nooit iets van gehoord”, zegt ze. “Ik heb hier ook geen internet, hé”, zegt ze en ze kijkt speurend rond in haar hok. Dan kijkt ze me onverzettelijk aan. Aan haar woord valt niet te twijfelen. Maar misschien weten ze iets meer in de hoofdwinkel van De Lijn in het centrum van de stad. Zij kan mij spijtig genoeg niet verder helpen, zegt ze en ze sluit demonstratief haar loket. Ik blijf nog een minuutje staan kijken hoe ze langzaam blauw wordt. Met zo weinig zuurstof in dat kot en zulke longen zal ze het niet lang uitzingen.
Maar ik heb een goed karakter. Ik vertrek dan maar naar het centrum. Zes hartstilstanden en vier moordpogingen later (met de fiets door het centrum) ben ik ter plaatse. Een combinatie met een Buzzypass, natuurlijk kan dat! Een knappe vent in een wit hemd lacht zijn parelwitte tanden bloot. Waren hun bussen maar zo proper als die vent. “Je moet dat gewoon aanvragen in het station. Daar alleen kunnen ze die kaart uitreiken”.
Het sujet voor wie deze kaart bedoeld is, schudt meewarig zijn dreads bij zoveel volwassen wereld ineens. Hij stapt gewillig op om weer naar het station te rijden.
We zijn verplicht om weer naar dezelfde vent aan het loket te gaan : alle andere rijen zijn immens. Ik doe hem mijn verhaal en hij krabt eens in zijn haar, haalt stapels dikke boeken boven. Zegt na tien minuten “aha”, tikt wat in op zijn computer. Draait zich volop naar mij toe, zijn bril nu helemaal op het puntje van zijn neus. “Heb je een pasfoto mee van da manneke? ”, vraagt hij, triomfantelijk wijzend naar zijn dreads. Ha manneke, daar had ik mij op voorzien, ik heb er nondedju vier mee. Mét dreads. Voor het geval dat zijn haartooi te veel zou veranderd zijn om nog gelijkenissen met de betreffende persoon te vertonen. Mij gaat ge daar niet op pakken, hoor.
Hij bromt iets en draait zich weer naar zijn computer, geeft daar een paar opdrachten. Zijn printer maakt een vreselijk lawaai. “Julien, kan je me helpen? Der komt hier niets uit jong”. Julien komt erbij en samen demonteren ze de printer. Uiteindelijk legt hij een afdruk voor mij, tussen onze identiteitskaarten, pasfoto’s, aanvraagformulieren in.
“Hier tekenen”, zegt hij, en hij zet een kruisje. Ik teken, ik betaal (het verschil, want ik had al een treinkaart) en ik ben de trotse eigenaar van een combinatie Schoolabonnement en Buzzypass en een aanzienlijk aantal Leffes. The man with the dreads zijn ogen glinsteren. I love him. This was fun. Welke minister ging dat allemaal eenvoudiger maken, die administratie?
Er is nog werk aan de winkel.







