25-01-05
Choen
Een maand of twee geleden stapte ik in Gent op de trein naar Brugge.
Ik had het mooie vooruitzicht te mogen gaan werken.
Ik voelde me fris en uitgerust.
“Mmm”, dacht ik, “ik ga vandaag eens les geven dat het geen naam heeft”.
Ik had er ongelooflijk zin in.
Shit, ik mis mijn werk!
Wie had dat kunnen denken?
Kap mijn beide pinken af in ruil voor die rugpijn.
Ik ben subiet akkoord.
Laat mij weer gaan werken, alstublieft!
Welgezind zocht ik een plaats in de wagon.
Tegenover me zat een vrouw van rond de dertig.
Een knappe, andersgepigmenteerde vrouw.
Ik rommelde wat in mijn rugzak en haalde mijn beroemde thermos boven.
Ze lachte een mooie, stralende lach.
Ik was op slag nóg welgezinder!
“Lekker! Een kopje koffie!”, zei ze met een schattig accent.
“Mag ik u een kopje aanbieden, mevrouw”, zei ik beleefd.
“Graag”, zei ze, “dat zou me wel smaken!”
Ik haalde een tweede tas uit mijn rugzak.
Ik heb die speciaal bij, voor dat soort gevallen.
“Een voorbereid man is er twee waard”, zei mijn grootvader altijd.
“Aangenaam, Jacoja, met zo veel woorden in zijn hoofd”, stelde ik mezelf netjes voor;
“Aangenaam, Choen. Amai, die koffie ruikt lekker!”, zei de vrouw.
We schudden handen, waarbij ik een ferme plas koffie morste op mijn broek.
Ik keek beteuterd naar de enorme vlek op mijn broek.
“Shit”, dacht ik, “daar moet ik straks nog les mee geven!”
Choen gaf me wat papieren zakdoekjes.
Daarmee kon ik de zaak toch een beetje onder controle krijgen.
Het was daar een kliederboel, je kunt dat niet geloven.
Ik moest de halve wagon dweilen met die zakdoekjes!
“Wel, Choen, ben jij een Filippijnse?”, nam ik hijgend de draad weer op.
Ze keek me aan met van die glimmende, slimme oogjes.
“Mis, Jacoja”, zei ze lachend.
“Je mag drie keer raden”, vervolgde ze.
Ik ben zot van raadspelletjes.
Ik dacht eens goed na.
Bruin velletje, zwart, sluik lang haar, klein van gestalte…
“Thailand”, riep ik.
“Fout, Jacoja”, zei ze, “nog één kans”.
“Nondedju”, dacht ik, “wat ligt er ginder nog allemaal van landen?”
Ik dacht diep na.
Ik kwam bijna niet meer bij van na te denken!
Choen zat me verwachtingsvol aan te kijken.
“Vietnam kan niet”, dacht ik, “maar ik zit wel in de buurt”.
De trein stopte in Aalter.
“Subiet zijn we in Brugge en weet ik het nog niet”, dacht ik.
“Geef me een tip, Choen”, smeekte ik.
“Ok”, antwoordde ze, “er is een zeer bekende film over mijn land”.
Er daagde iets in mijn brein.
“Toch niet dié film”, dacht ik paniekerig.
“Cambodja?”, fluisterde ik vragend.
“Heel goed, Jacoja”, zei Choen.
“Euh, Choen, hoe ben je hier terecht gekomen?”, vroeg ik wat verlegen.
“Dat is een heel verhaal, Jacoja”, antwoordde ze.
Ze staarde droevig naar buiten.
Ze slikte.
Ze begon te vertellen.
“Je hebt die film wel gezien, hé : Killing Fields?”, vroeg ze.
Ik knikte bevestigend.
“Wel, ik heb dat allemaal meegemaakt”, zei ze.
Ik staarde haar aan. Ik kon geen woord uitbrengen.
“Toen ik tien jaar was, zat ik in een concentratiekamp”, vervolgde ze.
“Pol Pot, die smeerlap van de Rode Khmer!”.
Choen spuwde deze woorden kwaad uit.
“Ik heb daar twee jaar gezeten”, vertelde ze verder.
“Twee jaar met nauwelijks wat te eten. Ik werd gemarteld.
Om de week minstens één executie, kan jij je dat voorstellen?”, vroeg ze triestig.
“Ik zal je de details besparen.
Ik kan daar trouwens nog steeds niet goed over praten.
En zeker niet in het Nederlands.
Na twee jaar ben ik ontsnapt uit dat kamp en via allerlei wegen hier in België beland”, besloot ze.
Ik was even totaal uit mijn lood.
Een kind van tien jaar voor twee jaar opsluiten en martelen!
Op je dertien heel alleen uit een dictatuur “ontsnappen”?
Toen ik dertien jaar was speelde ik nog met de blokken!
Onbeholpen bevend schonk ik de rest van mijn koffie in haar tas.
“Het is hier goed, Jacoja, in jouw land”, zei ze.
Ze keek me ernstig in de ogen.
“De mensen hebben hier álles!”, sprak ze ongelovig.
“Ik ben hier getrouwd met een lieve man en ik heb twee kindjes.
Ik ga nooit meer terug naar Cambodja.
“Weet je wel hoe goed het hier is, Jacoja?”, vroeg ze ernstig.
Ik knikte nederig.
Straks volg ik in Brugge Nederlandse les”, sprak ze.
“Ik moet nog steeds wat beter leren spreken, hé!”
Ze lachte al weer.
Een zonnige, levenslustige lach.
De rillingen liepen over mijn rug.
“Wat een overlever, dit dametje”, dacht ik bewonderend.
“Die Nederlandse les, Choen, waar ga je dat volgen?”, vroeg ik hoopvol.
“In een school aan de Lange Rei”, antwoordde Choen.
Ik lachte.
“Lap, ’t is prijs”, dacht ik.
“Dan nemen we straks samen de bus”, zei ik langs mijn neus weg.
“Werk jij daar in de buurt?”, vroeg Choen verbaasd.
“Ik geef daar les, Choen. Daar in die school waar jij nu naar toe gaat”, antwoordde ik.
“Leuk!”, riep Choen enthousiast, “dan kan jij me les geven, Jacoja!”
“Ik geef geen Nederlandse les, Choen, dat zal niet gaan, hé”, zei ik.
Choen keek spijtig.
We stapten samen af in Brugge.
We namen samen de bus.
We stapten samen het Centrum binnen waar ik werk.
Choen kwetterde als een welgezind vogeltje.
Ze had in Cambodja nooit school gevolgd.
Ze vertelde honderduit over haar kindjes en haar geluk.
Ik luisterde tevreden.
Aan het loket wenkte ik onze bevallige secretaresse.
“Schrijf dat madammeke hier eens in voor de eerstvolgende reeks Computerlessen”, zei ik.
Choen keek me dankbaar aan.
Ik knipoogde naar haar.
“Dag Choen”, zei ik, “leer veel bij vandaag”.
“Dag Jacoja”, zei ze, “geef goed les vandaag”.
Ze keek naar de koffievlek op mijn broek en lachte achter haar hand.
De secretaresse volgde haar blik.
“Je bent weer proper, Jacoja!”, zei ze streng.
“Ach, ze zitten allemaal aan een computer, ze zien dat niet”, antwoordde ik.
Ik stapte naar mijn lokaal en wreef in mijn handen.
“We gaan er hier eens invliegen”, dacht ik.
(*) Het verhaal van Choen is een waar gebeurd verhaal. Ik heb effectief Computerles gegeven aan Choen.
Ze was één van mijn beste studenten in de afgelopen tweeëntwintig jaar.
19:20 Gepost door jacoja | Permalink | Commentaren (11) | Email dit |
Facebook |






Commentaren
Holy sh*t Ja dat zeg ik soms als ik onder de indruk ben. Holy sh*t
Gepost door: Dafke | 25-01-05
Mooi verhaal Spijtig dat ik met den hoofdcommissaris op de lappen ben en het niet kan lezen.
Gepost door: lord blotbilski | 25-01-05
hmm de rode draad door uw verhalen zijn toch de andersgepigmenteerden...de manier waarop u ze voorstelt, wel mensen zoals u, kan ik enkel maar toejuichen en 'tis nog grappig ook ;-)
als u in 'techte leven ook zo open bent, wel thumbs up!
cms
Gepost door: cms | 25-01-05
Mooi Jacoja! Altijd heb ik in gedachten dat Jacoja een man is met het hart op de juiste plaats. En daar ben ik blij om!
Gepost door: lady rosita | 25-01-05
great levensecht met dat tikkeltje bijzonders. thx
Gepost door: willy | 25-01-05
. Weer graag gelezen. Zal er voor het slapengaan even bij stilstaan.
Gepost door: Coltrui | 25-01-05
k ben er stil van geworden...
Gepost door: Lizy | 26-01-05
Oeioei Nooit gedacht dat ik het ooit zou moeten zeggen en misschien moest ik maar niet zeggen wat ik dacht maar ik ga het toch maar zeggen...
Ik had nooit gedacht dat ik ooit een lesgever zou tegenkomen die zo interessant was dat ik aan zijn spreekwoordelijke lippen zou hangen. U verandert mijn beeld van leraren dedju...
Gepost door: Péke | 26-01-05
Wederom een prachtig verhaal, Jacoja!
Gepost door: Pinnie | 26-01-05
motivatie Hewel, ik ben echt jaloers, jij hebt waarschijnlijk gemotiveerde mensen voor je als je les geeft. Mij durft het soms wel es de keel uit te hangen hoor. Maar net op dat moment, kondigt de vakantie zich aan... Oef!
Wanneen mag je eigenlijk terug aan het werk?
Gepost door: suzy | 26-01-05
Mooi geschreven, Choen zal er blij mee zijn.
Gepost door: Yapede | 27-01-05
Post een commentaar