09-03-05
Onbeschrijflijk.
Begin december strompelde ik het station binnen in Brugge.
Kort daarvoor, was ik, totaal verhakkeld, uit de propvolle bus gevallen.
Rugpijn! Die rotbussen!
Ik zal er verder over zwijgen want het was onbeschrijflijk.
(Wanneer iets onbeschrijflijk is, dan kan je er beter niet over schrijven.
A ja!)
Beneden in de hall van het station zocht ik mijn weg tussen het volk.
“Loop mij nondedju niet zo voor de voeten”, sakkerde ik tegen een paar nozems.
Ze staken hun middenvinger naar me op, de smeerlapkes!
Perron zes, daar moest ik zijn.
Voetje voor voetje beklom ik, kreunend, de trap naar boven.
“Allé, Jacoja, nog zes trappen”, riep iemand me lachend toe, van achter de muur.
“Julien, nondedju, je moet niet met mij lachen”, riep ik kwaad terug, “of ik smijt je klak op de sporen!”
Zwetend nam ik de laatste trappen.
Julien, mijn favoriete NMBS-werkmens, stond me op te wachten, met een enorme grijns op zijn gezicht.
In zijn rechterhand hield hij een Leffeglas.
Met zijn linkerhand diepte hij, uit een zak van zijn grijze stofjas, een fles bruine Leffe op.
Met zijn tanden ontkroonde hij de fles.
“Oude macho”, dacht ik, toch wel een beetje bewonderend.
Ik durf dat niet echt proberen, met mijn tanden.
Met groot vertoon schonk hij de Leffe in het glas.
Hij bood me het glas aan.
“Hier, maat”, zei Julien.
“Vanaf nu elke dag een Leffe voor Jacoja, als dank voor het redden van de klak van mijn grootvader”.
(Mocht je niet weten waar ik het nu over heb, lees dan eerst dit cursiefje : KLAK)
Ik nam het glas aan.
Ik bekeek de schuimkraag waarderend.
Ik keek eens over mijn schouder naar de klok.
Er kraakte iets vervaarlijk in mijn nek bij die beweging.
“Nog een kwartier voor mijn trein komt”, dacht ik, “die Leffe zal smaken!”
A ja, een Leffe moet je tráág drinken, hé.
“Merci, Julien”, bedankte ik hem, “na een zware werkdag kan dat nondedju smaken!”
Ik nam een ferme slok en zette het glas vervolgens op de muur naast de trap, vlak naast de borstel van Julien.
Julien rolde op zijn gemak een sigaret.
“Pas op, hé, Jacoja!”, zei hij ferm.
“Ik doe hier overuren, hé!”, vervolgde hij.
Hij kon zijn lach niet inhouden, de oude zot.
Doorheen de rookwolken, veroorzaakt door de frietzak van Julien, zag ik een man.
Hij stond ons van op een paar meter afstand te bekijken.
“Shit, wat een depressie”, dacht ik.
De man stond daar zó triestig te kijken.
Alsof hij elk moment in wenen kon uitbarsten.
Ik schatte hem op een jaar of vijftig.
Een ambtenaar, duidelijk.
Hij droeg een wat verfrommeld, zwart maatpak en hij hield een aktetas in zijn hand.
Grijs haar, een grijze, onverzorgde baard en een kanjer van een bril op zijn neus.
Met neerhangende schouders stond hij daar depressief te wezen.
Ik had meteen een zwak voor de man.
“Julien?”, vroeg ik.
Ondertussen zocht ik Julien tussen de dichte mistflarden die hij ontwikkelde met zijn sigaret.
“Verdomme, Julien!”, riep ik, “stop eens met blowen, man, straks zie ik de trein niet meer komen!”
Julien schoot zijn peuk naar het perron aan de overkant van de sporen.
De mensen op perron zeven stoven uit elkaar.
“Julien! Subiet denken die mensen dat hier een terreuractie aan de gang is!”, riep ik.
Julien keek me rustig aan.
“Wa?”, vroeg hij, nog dommer kijkend dan anders.
Ik dronk nog een slok Leffe.
Ik draaide mijn rug naar de triestige man, zodat hij niet zou zien dat ik over hem bezig was.
“Julien, die vent daar”, begon ik, met mijn duim over mijn schouder wijzend.
Julien keek eens demonstratief over mijn schouder naar de man.
“Ha!”, zei hij, “dat is de Eenzame Fluisteraar!”
Ik bekeek Julien met grote ogen.
“Fluisteraar?”, antwoordde ik.
“Ja, die vent heeft iets aan zijn stem, denk ik”, zei Julien.
“En bepaald vrolijk is hij ook niet”, vervolgde hij.
Vastbesloten om kennis te maken met de arme, droevige man draaide ik mij om.
Ik stond al klaar om mij voor te stellen : met uitgestrekte arm om hem de hand te schudden!
Ja, ik stond daar mooi voor aap!
De man was verdwenen!
Kwaad keek ik naar Julien.
“Je hebt hem weggejaagd, Brugse zot!”, riep ik.
Julien lachte.
“Nee, hoor, Jacoja, die vent verschijnt op de gekste momenten en hij verdwijnt in het niets”.
Hij haalde zijn schouders op.
“Trouwens…”, hij wees in de verte, “daar komt je trein”.
Ik gaf het Leffeglas terug aan Julien en bedankte hem nog eens uitvoerig.
Julien stak het glas in een zak van zijn grijze stofjas.
“Geen dank, Jacoja”, zei hij, “ik sta hier voortaan elke dag met een glas”.
Ik keek nog eens rond me, maar de Eenzame fluisteraar was nergens meer te zien.
Bezorgd nadenkend stapte ik op de trein.
Julien nam zijn bezem en vertrok sloffend richting trap.
Ik nam plaats en keek door het raam.
Een paar sporen verder zag ik de Eenzame Fluisteraar depressief op een trein stappen.
Hij keek nog even om, recht in mijn gezicht.
Alvorens mijn trein vertrok, kon ik nog nét zien dat hij weende, de arme man.
Ja, lieve lezers, ik weet het. De Eenzame Fluisteraar verdween op mysterieuze wijze uit dit verhaal. Nog vóór hij ook maar een woord kon fluisteren! Maar geen nood! Hij komt terug! Hij komt terug met een onbeschrijflijk verhaal… (wordt vervolgd).
20:24 Gepost door jacoja | Permalink | Commentaren (10) | Email dit |
Facebook |






Commentaren
MAGISTRAAL....... Jacoja, jij verdient de Nobelprijs......en niet die Rus Kannischrijfskni....wij hangen aan uw lippen....en mogen we gokken wie die duistere figuur is?
Hoe noemt zo een Engelse hoed weer????Hij staat u goed.grtjes.pepino.
Gepost door: pepino | 09-03-05
Pepino! Vlugger op mijn blog dan Lady Rosita!
Ja, man, die Eenzame Fluisteraar zal maar beetje per beetje zijn geheimen prijs geven, vrees ik.
En dan nog ... fluisterend...
Gepost door: jacoja | 09-03-05
Smaakt naar meer En ik heb het niet over de Leffe.
Gepost door: lord blotbilski | 09-03-05
Eenzaam fluisteren en Leffe drinken, daar ben ik ook wel goed in. Benieuwd hoe het afloopt met die kastaar. Spannend .......
Gepost door: yapede | 09-03-05
Wanneer je dit nog zou lezen binnen het uur, Yapede, doe ze daar dan de groeten!
Gepost door: jacoja | 09-03-05
Ik heb het rustig kunnen lezen ... ... en ik ben benieuwd naar het vervolg.
Toch al bedankt lieve Jacoja.
Gepost door: lady rosita | 09-03-05
steffie is waiting... Allé, vlug schrijven, hé ;o)
Gepost door: steffie | 09-03-05
k ben benieuwd.... k kwam al eens piepen... ma das te snel he...:o)) Morgen ben ik er zeker weer slaapwel
Gepost door: Lizy | 10-03-05
dieje eenzame fluisteraar is dat .. de broer van de gefrustreerde kloosterzuster?of van de nuchtere leffebrouwer?
Gepost door: willy | 10-03-05
Bijgelezen en tenvolle genoten, Dankjewel, diepe buigen en onderwijl mijn bolhped afnemend ;-)
Gepost door: Dafke | 12-03-05
Post een commentaar